U bent hier:Home Over de Raad Jaarberichten Jaarbericht 2010 Afstand, Screening, Adoptie en Afstammingsvragen
De Raad voor de Kinderbescherming speelt een rol in de procedures rond Afstand, Screening, Adoptie en Afstammingsvragen (ASAA).
Zo doet de Raad onderzoek wanneer ouders aangeven niet zelf voor hun kind te willen zorgen, maar het af te willen staan voor adoptie. De Raad wordt ook ingeschakeld als in Nederland geboren geadopteerden willen weten wie hun biologische ouders zijn of wanneer een afstandsouder informatie wil over zijn of haar geadopteerde kind. Daarnaast screent de Raad toekomstige pleegouders voor het afgeven van de Verklaring van geen bezwaar die zij nodig hebben om pleegouder te mogen worden.
Wie een kind uit het buitenland wil adopteren heeft daarvoor vooraf toestemming nodig van de Centrale Autoriteit Interlandelijke Adoptie, onderdeel van het ministerie van Veiligheid en Justitie. De Raad onderzoekt daarvoor of de aspirant-adoptiefouders geschikt zijn om een adoptief kind op te voeden. In het gezinsonderzoek worden de positieve kanten en de risico’s van het toekomstige adoptiegezin in kaart gebracht. Wanneer mensen geschikt zijn om een adoptiekind op te nemen wordt op hun verzoek ook gekeken of ze geschikt zijn voor het opnemen van een kind dat extra zorg en aandacht nodig heeft. Bijvoorbeeld omdat het een bepaalde ziekte of een handicap heeft of omdat het in het verleden mishandeld of misbruikt is. Er komen steeds minder adoptiekinderen naar Nederland. De kinderen die nog komen zijn vaak kinderen met een speciale zorgbehoefte. Die zorg vraagt meer van de adoptieouders dan de zorg voor kinderen die dat niet hebben. Om die reden screent de Raad aspirantadoptieouders uitgebreid.